De eremuur van Cambuur: Leeuwarden was basis voor Michael Mols

Sport

De eremuur van Cambuur: Leeuwarden was basis voor Michael Mols

Eigenlijk is zijn leven voor een groot deel begonnen in Leeuwarden. De geboren Amsterdammer Michael Mols (39), goed voor zo’n twintig jaar betaald voetbal, startte zijn profcarrière in Leeuwarden en ging daar ook voor het eerst samenwonen; twee spannende avonturen voor het 21-jarige broekje van toen...


Als de Leeuwarder Zaailandkrant hem opzoekt bij het recreatiebedrijf ‘Down Under’ in Nieuwegein waar hij mede-eigenaar van is, blijkt meteen een grote verandering ten opzichte van zijn tijd in de Friese hoofdstad begin jaren negentig; Michael Mols is intussen de trotse vader van zoon Nino (11), die in hun woonplaats Badhoevedorp bij RKSV Pancratius voetbalt.

Michael en zijn partner, met wie hij destijds in Camminghaburen ging samenwonen, zijn volgend jaar vijfentwintig jaar bij elkaar. “Toen Cambuur in 1991 interesse in mij toonde, draaide de club bovenin mee en streden ze om een periodetitel”, vertelt Michael. “Voor mij was de stap van Ajax 2 naar Cambuur 1 een sportieve verbetering.” Michael weet nog als de dag van gisteren hoe hij zich op de eerste dag meldde in Friesland en plaatsnam in het pleeggezin van Keimpe en Thea Vellinga; het echtpaar had veel vaker voetballers van Cambuur over de vloer. “Op de eerste dag dat ik helemaal bovenin hun huis wakker werd en de gordijnen opendeed, keek ik naar buiten en voelde ik meteen heimwee; waar was ik aan begonnen?

 

Toen startten de trainingen en was dat nare gevoel meteen voorbij. Ik trok ook veel op met spelers als Ben Spork die uit Rotterdam was overgekomen en Jack de Gier, die dikwijls bij de Vellinga’s kwam eten. Die jongens kwamen ook van buitenaf en we zaten dus in hetzelfde schuitje”, blikt de sympathieke oud-profvoetballer terug. De beruchte preisoep van Thea zal hij nooit meer vergeten.

 

Die eerste periode bij Cambuur was het allereerste seizoen van Michael Mols als profvoetballer. Hij begon zijn loopbaan precies zoals hij die vorig jaar bij Feyenoord afsloot: met een hoofdprijs. Door de winnende goal in de kwartfinale, een doelpunt in de halve finale en een assist in de finale, wist Michael op 37-jarige leeftijd zijn steentje bij te dragen aan het winnen van de KNVB-beker door Feyenoord. Als een groepje enthousiaste jongeren het stijlvolle restaurant van ‘Down Under’ binnen loopt na een middagje waterskiën en indoor surfen, wordt Michael onmiddellijk herkend en bedankt men hem voor zijn belangrijke bijdrage aan de bekerwinst van Feyenoord. Michael knikt en lacht vriendelijk terug.

 

Als hij terugdenkt aan zijn eerste jaar als betaald voetballer, kan hij niet anders concluderen dan dat seizoen 1991-1992 een droomjaar is geweest. “De kwalitatief goede spelersgroep, de sfeer in het stadion, de ambitieuze supporters. We gingen op donderdag wel eens op stap in Leeuwarden, iets wat nu ondenkbaar is voor een profvoetballer. We bezochten dan zaken die nu allemaal een andere naam hebben: De Bottelier, De Toog, Vat ’69…

 

Het enige wat jammer was aan het prachtige kampioensjaar, was dat we kampioen werden zonder te spelen; onze concurrent had een inhaalwedstrijd en verspeelde punten. We waren daar gaan kijken en toen we met de bus terugkwamen op het Cambuurplein, stonden er heel veel mensen te feesten.”

In het daaropvolgende seizoen 1992-1993 wist Cambuur zich te handhaven in de eredivisie. Waar Jan Bruin de eerste eredivisiegoal maakte, scoorde Michael Mols de eerste gele kaart van Cambuur in de eredivisie.

 

Na twee jaar Cambuur koos de Aziatische voetballer - zijn ouders komen uit Indonesië-  voor FC Twente. Zijn carrière leidde hem verder langs FC Utrecht, Glasgow Rangers, ADO Den Haag en Feyenoord. Michael speelde Champions Leaugue met de kampioen van Schotland en kwam zes keer uit voor het Nederlands Elftal.

 

Komt hij nog wel eens in Ljouwert? “Het is jammer dat ik zo ver weg woon en geen familie of vrienden meer in Leeuwarden heb”, zegt de ondernemende voetballer die momenteel met zijn broer en zwager in het tweede elftal van het Amsterdamse Sloterdijk speelt. “Zowel mijn voetbalcarrière als mijn relatie vinden in Leeuwarden hun oorsprong. Of ik het profvoetbal mis? Totaal niet. Twintig jaar lang hebben anderen voor mij bepaald waar ik heen ging en hoe laat ik er moest zijn; nu is het mijn tijd. Ik vind het bijvoorbeeld een geschenk dat ik op zaterdag mijn eigen zoon kan zien voetballen.”



Dit artikel is verschenen in de Leeuwarder Zaailandkrant, 2010 - editie 9

 

 

17-9-2010 10:17 0 reacties

Reacties (0)

Reactie plaatsen

Met het plaatsen van deze reactie gaat u akkoord met de voorwaarden

Overig Sport

Meer Sport