De eremuur: Frank ‘Pico’ Berghuis over vijf jaar Cambuur en Leeuwarden

Sport

De eremuur: Frank ‘Pico’ Berghuis over vijf jaar Cambuur en Leeuwarden

LEEUWARDEN, 15 april 2011 - Momenteel is hij full time jeugdtrainer bij FC Twente, waar zijn oudste zoon in het eerste speelt. Frank ‘Pico’ Berghuis (44) balde een flinke tijd bij Cambuur en daarom zocht de Leeuwarder Zaailandkrant hem op in het oosten.


Van de zeven profclubs waar je speelde, zat je het langst bij Cambuur. Je kwam in 1995 in Leeuwarden en sloot er in 2000 je actieve voetbalcarrière af. Wat is je het meest bijgebleven aan je tijd in Friesland?
“Mijn periode bij Cambuur heeft een onuitwisbare indruk op me gemaakt. Bij PSV speelde ik vooral in de jeugd en bij VVV, Zwolle, Volendam, Galataseray en Lommel zat ik steeds maar één of twee seizoenen. Bij Cambuur speelde ik vijf jaar. Ik hield van de stad Leeuwarden, daar heerste toch aardig wat gezelligheid. Het uitgaansleven vond ik top; we hebben wel avonden meegemaakt dat we naar binnen gingen terwijl het nog licht was en veel later ook weer naar buiten kwamen in het daglicht! Ik woonde aan het water in de wijk Westeinde; mooie buurt met uitzicht op de vliegbasis. De buurt was gezellig, we hebben veel lol gehad daar. De buren pasten veel op onze kinderen. Steven, onze oudste, is in Leeuwarden geboren. Hij is nu negentien en is zijn voetbalcarrière bij Frisia gestart. Nu speelt hij bij FC Twente en kort geleden heeft hij zijn debuut gemaakt in het eerste elftal. Frisia heeft daar nog een stukje aan gewijd op hun website. Steven traint met het eerste mee en zit er dicht tegenaan. Onze andere zoon Tristan is vijftien en speelt bij Vitesse.”

Kon je het goed vinden met de spelers bij Cambuur?
“Uitstékend. Elk seizoen hadden we een leuke spelersgroep! Toen ik voor het eerst in de kleedkamer kwam in 1995 -tikkie nerveus natuurlijk omdat je toch weer bij een nieuwe club binnenkomt en ik kende er niemand-, begon Richard Elzinga meteen te zingen dat we kampioen zouden worden. Johan Abma grapte dat Cambuur nu een ex-international in dienst had en dat we de titel met twee vingers in de neus zouden binnenhalen. Inderdaad, ik heb één interland gespeeld tegen Brazilië. Diezelfde Abma stond er trouwens om bekend dat hij altijd lelijke onderbroeken aan had, haha.”

Was je als linksbuiten erg productief of speelde je vooral als aangever?
“In de Voetbal International stond elke week een lijstje met meest waardevolle spelers uit de eerste divisie, waarin zowel doelpunten als assists werden bijgehouden. Samen met Arno Arts hield ik dat lijstje goed in de gaten, we waren toch ook wel erg bezig met de assists. Ik heb mezelf wel eens in Studio Sport teruggezien dat ik wóest werd op iemand die mijn voorzet niet binnenwerkte, haha. Mijn mooiste goal bij Cambuur maakte ik tegen Haarlem. Ik schoot de bal met m’n verkeerde been -rechts dus- in de kruising en toen wonnen we de periodetitel. Bij Cambuur heb ik niet altijd even goed gespeeld, vind ik zelf. Bij VVV heb ik twee jaar eredivisie gespeeld toen ik negentien of twintig was, toen had ik echt heel goede jaren. Ik probeerde wel altijd bij elke nieuwe club mijn stinkende best te doen; ik wilde graag laten zien dat ze me niet voor niets hadden gehaald.”

Ooit iets geks meegemaakt in Leeuwarden?
“Er heeft zich een akkefietje voorgedaan waar op dat moment iedereen z’n twijfels bij had. Toch is het echt gebeurd. Ik brak mijn been op de kermis en kon dus niet spelen in de nacompetitie. Mijn jongste zoontje wandelde in een onbewaakt ogenblik de baan op van de botsauto’s. Ik rende hem achterna om hem eraf te halen en toen werd ik aangereden. De spelers moesten om het verhaal lachen en konden het nauwelijks geloven, maar ik had een scheurtje in mijn scheenbeen. Overigens won Cambuur de nacompetitie dat jaar wél en zijn we dus gepromoveerd. Ik kan me nog goed herinneren hoe we met de spelers terugkwamen in Leeuwarden; het stadion zat vol en wij gingen het veld op om de promotie te vieren. Wát een sfeer toen! We zijn nog met een hele groep de stad ingegaan en alles kon en mocht die avond, prachtig.”

Had je veel contact met het Leeuwarder legioen?
“Ja. Mijn bijnaam was ‘Pico’ en die werd vaak gescandeerd. Hoe ik aan die naam kom? Trainer Jan Reker heeft dat ooit bedacht; we hadden bij VVV twee jongens die ‘Frank’ heetten en toen vond Reker het makkelijker om mij Pico te noemen. Ik heb eigenlijk geen idee waar hij het vandaan had gehaald en heb het ook nooit gevraagd… Het publiek was altijd fanatiek. Cambuur is een club van de mensen, van het volk; het stadion ligt ook middenin een woonwijk. Dat maakt de afstand tot de mensen heel klein en dus is het een knusse club.”

Dit artikel is ook gepubliceerd in de Leeuwarder Zaailandkrant, april 2011

15-4-2011 21:02 0 reacties

Reacties (0)

Reactie plaatsen

Met het plaatsen van deze reactie gaat u akkoord met de voorwaarden

Overig Sport

Meer Sport